NPN YFSP Inspiratiemiddag 'Supplementen in de zorg'

2 juni 2016, Nieuwegein

‘Tijd om positieve ervaringen te delen’

Artsen, onderzoekers en bedrijfsleven kwamen op 2 juni bijeen om te discussiëren over de mogelijkheden van voedingssupplementen in de zorg. De deelnemers kregen in twee presentaties te horen hoe gerenommeerde artsen denken over het gebruik en de werkzaamheid van voedingssupplementen. Daarna was er tijd voor discussie en werd er een strategisch plan voor supplementen in de zorg opgesteld. Belangrijk in deze discussie blijft de wetenschappelijke onderbouwing van de effecten van voedingssupplementen. Deze inspiratiemiddag werd georganiseerd ter ere van het 5 jarig bestaan van de Young Food Supplement Professional vereniging.

Positieve ervaringen zijn nodig  

Prof. Dr. Ben Witteman, MDL-arts in Ziekenhuis Gelderse Vallei en verbonden aan de Wageningen Universiteit, vertelt dat artsen vaak alleen voorstander van een supplement zijn wanneer de patiënt een bewezen tekort heeft aan een micronutriënt of extra behoefte heeft in een bepaalde situatie. Voldoende wetenschappelijk bewijs van de werking van het supplement wordt erg belangrijk gevonden.

Daarnaast blijkt ook dat positieve praktijkervaringen bijdragen aan het adviseren van supplementen door de arts. Witteman heeft zelf jaren geleden goede ervaringen met onder andere Iberogast[1], probiotica, curkuma en cannabinoïden. Het werkingsmechanisme van Iberogast is nog niet volledig duidelijk, maar toch raadt Witteman het aan zowel de patiënt als collega- artsen aan. Het delen van positieve ervaringen met supplementen door behandelaars is belangrijk om voor supplementen een plek te creëren in de zorg.

Onwetendheid artsen over voeding is gemis

Dr. Michel Joosten, coassistent in het Erasmus MC en postdoctoraal onderzoeker bij UMCG, ziet het gebrek aan voedingsleer als een gemis in de opleiding Geneeskunde. Veel artsen hebben weinig tot geen kennis over voeding. Artsen volgen vaak richtlijnen die zijn opgesteld voor behandelingen. Daarnaast hebben de meeste artsen maar 10 minuten per patiënt en worden snelle oplossingen verwacht. Voldoende tijd om voedingsadvies te bespreken is er niet, want dat zien ze als taak van een diëtist. Joosten gelooft persoonlijk in de kracht van voedingssupplementen voor bepaalde doelgroepen en niet zozeer in het nut voor de algemene bevolking.

De preventieve functie van supplementen

Het werkingsmechanisme van bepaalde voedingsstoffen is vaak ingewikkeld. Voordat een voedingsstof de beoogde werking heeft is er vaak enige tijd verstreken. In een zorgbehandeling is het daarom niet altijd de direct effectieve methode. Wel zouden voedingssupplementen voor bepaalde groepen een goede preventieve functie kunnen vervullen. Een voorbeeld hiervan, uitgebreid besproken door Michel Joosten, is het effect van magnesiumsuppletie voor behoud van een soepele vaatwand ter preventie van hart- en vaatziekten. Hier heeft vooral de huisarts een hoofdrol.

Aandacht voor wisselwerkingen

Protonpompinhibitoren (= maagzuurremmers) zijn de meest voorgeschreven medicijnen. Bij langdurig gebruik resulteert dit vaak in een te laag magnesiumgehalte in het bloed. “Dan is er écht wat aan de hand, artsen zijn hier niet alert op”, vertelt Michel Joosten. Ben Witteman is van mening dat als een supplement een werking heeft in het menselijk lichaam, er ook aandacht moet zijn voor de interactie met medicijnen die invloed hebben op datzelfde werkingsmechanisme. Duidelijke en goede informatievoorziening hierover naar arts en patiënt zijn belangrijk.

Strategieën

Tijdens de presentaties hebben de deelnemers sterktes, zwaktes, kansen en bedreigingen voor supplementen in de zorg geïdentificeerd. In groepjes zijn vervolgens diverse strategieën beschreven die door de branche kunnen worden gebruikt om voor voedingssupplementen een betere plek te creëren in de zorg.

Wetenschappelijk bewijs inzetten

Als belangrijkste conclusie kwam naar voren dat het wetenschappelijk bewijs (wat er tot nu toe is) beter gepresenteerd moet worden naar zowel de zorgverleners, als naar de consument. Er ligt een kans voor de branche om de aanwezige kennis goed en professioneel uit te dragen. Door de arts beter te informeren zal de consument zich beter bewust worden van de effecten van voeding. 

Supplement is geen medicijn

De arts wil overtuigd worden met een duidelijke uitleg van het werkingsmechanisme. Observationeel onderzoek wordt hierin niet altijd als overtuigend gezien. Het wetenschappelijk onderzoek met voedingssupplementen is vaak gericht op de preventie van ziekte of het verbeteren van de kwaliteit van leven. Voeding geeft op de lange termijn subtielere effecten,. Deze eindpunten in onderzoek zijn artsen niet gewend, en daarom is voorlichting hierover essentieel om hen te kunnen overtuigen.

Acceptatie van supplement; positieve ervaringen delen

Ondanks het bestaande wetenschappelijke bewijs en positieve ervaringen in de praktijk, blijft de acceptatie van voedingssupplementen bij artsen een lastig punt. Het lijkt erop dat enkel de negatieve gevallen worden onthouden, waar de positieve berichten vaak snel van het netvlies verdwijnen. Wanneer we als branche de huidige behandelaars in de zorg meer bewust maken van de positieve werking van supplementen en hen een podium bieden om dit uit te dragen naar collega’s is dit mogelijk een begin van de acceptatie in de reguliere zorg.

 

Deze themamiddag werd georganiseerd door de Young Food Supplement Professionals vereniging. Jonge medewerkers binnen NPN kunnen via deze branche- brede vereniging werken aan hun persoonlijke ontwikkeling en netwerk.



[1] Iberogast is inmiddels een kruidengeneesmiddel

 

  • banner-small-01.jpg
  • banner-small-02.jpg
  • banner-small-04.jpg

© 2015-2017 NPN | Disclaimer | Privacy

Website gebouwd door Intronet/Boas.pro